Registreren | Inloggen       Colofon
  •  
  • Home
  • Kort geding bedrijfsleven tegen Staat om ‘valutawet’

Kort geding bedrijfsleven tegen Staat om ‘valutawet’

28/03/2020 08:42 - Ivan Cairo

Kort geding bedrijfsleven tegen Staat om ‘valutawet’

 

PARAMARIBO - De bedrijfslevenorganisaties VSB, Survam en Asfa hebben vrijdag een kort geding tegen de Staat Suriname aangespannen. Geëist wordt dat de Staat verboden wordt de controversiële ‘Wet Controle Valutaverkeer en Transactiekantoren’ toe te passen. Aanvankelijk was De Surinaamsche Bank ook betrokken, maar die heeft zich na gesprekken met de governor van de Centrale Bank van Suriname en de leiding van het parlement teruggetrokken.

De indieners van het verzoekschrift gaan de wet eerst aan het Constitutioneel Hof voorleggen die zal moeten toetsen of de valutawet of sommige bepalingen daarin in strijd zijn met de Grondwet en internationale verdragen waar Suriname zich aan heeft gecommitteerd. Ook zijn zij van plan een bodemgeschil over deze kwestie aanhangig te maken tegen de Staat.

Volgens klagers is artikel 7 van voornoemde wet in strijd met het recht op privacy, waaronder het huisrecht, zoals vervat in artikel 17 van de Grondwet en onverenigbaar met artikel 11 van het Amerikaanse Verdrag voor de Rechten van de Mens. Gesteld wordt dat het in de wet genoemde Toezichtorgaan nimmer de bevoegdheid kan hebben om met assistentie van een hulpofficier woningen en andere locaties te betreden om opsporingshandelingen te plegen bij een redelijk vermoeden dat de wet wordt overtreden.

Deze bevoegdheid komt hen rechtens niet toe. "Met de opsporing van strafbare feiten is het Openbaar Ministerie belast en zal altijd een op het binnentreden gerichte last moeten geven." Volgens eisers wordt met de wet carte blanche verleend om woningen van burgers, waaronder leden van de VSB en personen met verschoningsrecht binnen te treden in strijd met het grondrecht op privacy en het verbod op willekeur, zonder schriftelijke last van een officier van justitie.

De eerbiediging van het privéleven van burgers, onder wie ondernemers, is in de valutawet niet gewaarborgd. Verder wordt erop gewezen dat een aantal bepalingen in de wet tegenstrijdig en onduidelijk zijn, terwijl overtreding daarvan met straffen wordt bedreigd. Hiermee wordt in strijd gehandeld met het legaliteitsbeginsel en rechtszekerheidsbeginsel zoals is vervat in de Grondwet en het Inter-Amerikaans mensenrechtenverdrag.

In het verzoekschrift worden nog een reeks van bepalingen opgesomd die volgens de indieners in strijd zijn met de Grondwet en het mensenrechtenverdrag. Zij willen daarom dat wordt verboden dat de wet wordt uitgevoerd zolang het Constitutioneel Hof geen uitspraak heeft gedaan over de grieven die aan dat instituut zullen worden voorgelegd.

Share on Facebook    

Gerelateerde artikelen

Reageren op dit bericht? Bezoek onze Facebook-pagina