Registreren | Inloggen       Colofon
  •  
  • Home
  • INGEZONDEN: Een korte reactie van het ABS

INGEZONDEN: Een korte reactie van het ABS

29/01/2021 14:07

De redactie van DWT Publishing NV stelt lezers in de gelegenheid stukken in te zenden ter publicatie. In principe worden alle ingezonden artikelen opgenomen, tenzij de inhoud schadelijk, kwetsend of beledigend is voor derden. Stukken die geplaatst worden komen niet noodzakelijkerwijs overeen met de mening van DWT Publishing NV. De redactie behoudt zich het recht voor om stukken niet te plaatsen, of in te korten of te redigeren zonder dat die uit hun context worden gehaald.

De redactie van DWT Publishing NV stelt lezers in de gelegenheid stukken in te zenden ter publicatie. In principe worden alle ingezonden artikelen opgenomen, tenzij de inhoud schadelijk, kwetsend of beledigend is voor derden. Stukken die geplaatst worden komen niet noodzakelijkerwijs overeen met de mening van DWT Publishing NV. De redactie behoudt zich het recht voor om stukken niet te plaatsen, of in te korten of te redigeren zonder dat die uit hun context worden gehaald.  

Het zij ons vergund om puntsgewijs in te gaan op het artikel in de Ware Tijd van zaterdag 23 januari 2021 op pagina A2 van de hand van de heer Wilfred Leeuwin, waarin ook inzichten van de heer Albert Alleyne (verder AA genoemd), voorzitter van de Consumentenkring Suriname, zijn verwerkt.

1- Twee personen staan naast elkaar bij de bushalte en zijn op het oog vrijwel op dezelfde manier gekleed. De ene heeft het koud en de ander heeft het niet koud; zeer individuele ervaringen. Welnu, als er 150.000 huishoudens zijn in de economie dan heeft in principe elk huishouden zijn eigen inflatie, aangezien elk huishouden zijn eigen basispakket heeft. Ook al zouden verschillende huishoudens precies dezelfde goederen en diensten kopen, dan nog zullen de hoeveelheden per huishouden (hoofdzakelijk vanwege huishoudomvang, smaak en inkomen) en de prijzen die betaald worden door de huishoudens verschillen (ze doen niet per se op dezelfde plaatsen hun inkopen).

2- Het is ondoenlijk om 150.000 verschillende basispakketten en 150.000 verschillende inflaties te gebruiken en daarom worden er al vanaf de negentiende eeuw surveys gehouden (al geruime tijd huishoudbudgetonderzoekingen of Huishoudinkomens en -uitgavenonderzoekingen genoemd) onder een adequate aselecte steekproef van huishoudens, waaruit men dan een representatief pakket, representatieve gewichten en representatieve verkoopplaatsen hoopt te kunnen halen (om diverse redenen mislukken de onderzoekingen soms). Het basispakket, de gewichten en de verkoopplaatsen moeten periodiek (tussen de vijf en tien jaar, al enige tijd met dringende voorkeur voor de ondergrens) worden vernieuwd.

3- De CPI van Suriname heeft betrekking op de districten Paramaribo, Wanica, Nickerie, Coronie, Saramacca, Commewijne en Para (geen enkel onderdeel van de districten is bij de steekproef uitgesloten), telt 316 goederen en diensten en heeft prijzen van circa 630 meetpunten. Het streven is erop gericht om maandelijks 6.940 prijsopnames te doen (dit lukt niet altijd: de mediale meetpuntresponse is circa 92 procent in Paramaribo en Wanica, circa 87 procent in Para en circa 82 procent in de overige domeinen). In elk geval is het streven meer dan 83.000 prijsopnames in de index op jaarbasis!

4- De heer AA heeft kennelijk moeite met het "gemiddelde" resultaat en geeft ter ondersteuning een voorbeeld van de prijs van eieren die met 400 procent gestegen zou zijn. De items in het CPI-pakket zijn conform de vigerende CPI-manuals vertrouwelijk (om manipulaties te voorkomen), maar de subgroepen op bladzijde 4 zijn toch enigszins indicatief voor welke items er zoal in het pakket zitten. Desondanks ontkennen noch bevestigen wij de aanwezigheid van eieren in ons basispakket, maar kunnen erop wijzen dat wij op bladzijde 5 hebben vermeld dat de prijsbewegingen (tussen januari 2019 en december 2020) tussen -59 procent en +729 procent lagen; met andere woorden de +400 procent van de heer AA ligt op dat interval. De heer AA is niet "blij" met het gemiddelde van 61 procent en is van oordeel dat er "een oplossing voor het gemiddelde" gevonden moet worden. Helaas zullen we de heer AA moeten teleurstellen: ten eerste formules/gemiddelden die gehanteerd mogen worden op het laagste niveau worden dwingend voorgeschreven (vroeger mocht men kiezen uit Carli, Dutot en Jevons, later alleen uit Dutot en Jevons en na de volgende revisie, vorig jaar maart goedgekeurd door de VN Statistiekcommissie, zal ABS overschakelen van Dutot naar Jevons wat thans voorgeschreven is), ten tweede is men ook niet vrij in het kiezen van de aggregatieformules die gehanteerd worden. Onze target is een: "fixed basket Laspeyres" en dus is er geen ruimte om zelf formules voor te stellen.

5- Tot slot: het statistiekbureau tracht alle belanghebbenden zo goed mogelijk te dienen en zich daarbij (conform the Fundamental Principles of Official Statistics) te houden aan afgesproken internationale standaarden, maar het cijfer dat gepubliceerd (niet geprognosticeerd) wordt, is wat de prijsopnames en te hanteren formules ons opleveren! Dat is niet per se het lage cijfer dat regeringen en Centrale Banken willen zien, noch het hoge cijfer dat vakbonden en andere consumenten willen zien. De interessantste groep onder de "andere consumenten" wordt uitgemaakt door politici en hun aanhang, die hebben doorgaans een opvatting die afhangt van hun positie: coalitie of oppositie.

Algemeen Bureau voor de Statistiek

Drs. Iwan A. Sno, M.Sc.

Directeur

Share on Facebook    

Gerelateerde artikelen

Reageren op dit bericht? Bezoek onze Facebook-pagina