Registreren | Inloggen       Colofon
  • Home
  • Haïtianen in Suriname

Haïtianen in Suriname

30/11/2016 17:00

Haïtianen in Suriname

 

ACHTERGROND - Tot september konden Haïtianen zes maanden lang met een toeristenkaart naar Suriname afreizen. Met als gevolg een verdubbeling van de Haïtiaanse gemeenschap in Suriname. ‘We bidden voor een betere toekomst van ons land.’

Tekst: Caroline van Schubert - beeld: dWT archief

FRANSEN KLANKEN ONTSNAPPEN uit de zaal van de Evangelische Broeder Gemeente Suriname aan de Dr. Sophie Redmonstraat. Het is zondagochtend tien uur en het gezoem van een grote ventilator vermengt zich met de liederen die luidkeels in het Haïtiaanse Kreyòl worden gezongen. De meeste mannen, vrouwen en kinderen komen hier iedere week samen. Bijbels liggen geopend op hun schoten. Er wordt gepredikt, gelachen en gehuild. Een man houdt een dik boek met de titel 'Chants d'Esperance' (liederen van hoop, ... red) stevig tegen zich aangedrukt. De hoop op betere tijden houdt deze Haïtianen op de been.

"Ik voel me verdrietig. Ik kwam met een doel, maar ik ben bang dat ik dat voorlopig niet kan bereiken", zegt Brazier. Een aantal minuten eerder las hij nog met veel emotie verzen uit de bijbel op en smeekte om Gods hulp. Nu staat hij een beetje ineengedoken in de schaduw aan de zijkant van de kerk. Zo'n drie maanden geleden liet hij zijn vrouw en drie kinderen in Haïti achter om in Suriname te gaan werken. "Ik dacht dat de omstandigheden hier beter zouden zijn, maar ik kan geen werk vinden", zegt hij zachtjes. "Een paar van mijn vrienden werkten hier als metselaar of landbouwer en vertelden me dat er kansen waren. Maar dat was nog voor de crisis. Nu is het moeilijk." Zijn geloof helpt hem door deze onzekere tijden heen. "Jezus staat aan mijn zijde. Hij helpt me om te gaan met de situatie waarin ik zit", zegt Brazier terwijl hij naar de hemel kijkt.

Haitianen _IN (3)

Bidden voor land en volk

Een moeizame start in een land waar ze voor vertrek winig kennis van hebben

HAÏTIANEN STAAN BEKEND als harde werkers; een bescheiden en tegelijkertijd trots volk. Het merendeel is katholiek, maar ook voodoo speelt een belangrijke rol binnen hun samenleving. De liefde voor het vaderland is groot, maar het land is politiek instabiel, grotendeels onvruchtbaar, dichtbevolkt en er heerst veel criminaliteit. Economische ontwikkeling is moeizaam, met als gevolg dat Haïti tot één van de armste landen ter wereld behoort. Daarnaast heeft het land regelmatig te kampen met natuurrampen, zoals de zware aardbeving van 2010 en orkaan Matthew die vorige maand over het eiland raasde en daarbij zo'n 900 doden eiste. Tienduizenden huizen werden vernield. De vooruitzichten zijn somber. "We praten er regelmatig over in de kerk, maar we hebben weinig anders te bieden dan het woord van God. Het is onze plicht om voor land en volk te bidden. Geld om te steunen hebben wij ook niet", zegt pastor Manicel Simon, al 35 jaar woonachtig in Suriname. Hij spreekt vloeiend Nederlands en Sranan Tongo, maar op de zondagochtenden spreekt hij zijn Haïtiaanse landgenoten voornamelijk toe in het Frans en Kreyòl, een op Frans gebaseerde creoolse taal.

Suriname kent momenteel zes Haïtiaanse kerkgemeenschappen en de banken raken er steeds voller, merkt Simon op. "Begin dit jaar was alles nog normaal, maar vanaf april wordt het steeds drukker. Niet iedereen komt om God te dienen, sommigen zoeken hulp." Ook in het straatbeeld vallen vooral de Haïtiaanse vrouwen steeds meer op. Ze lopen met manden op hun hoofd door de straten van Paramaribo of proberen bij de poorten van de centrale markt groenten te verkopen. De nieuwe groep immigranten blijft hier veelal illegaal, er is weinig werk en ook huisvesting is duur. Daarnaast zorgt de taalbarrière voor een moeizame start in een land waar ze voor vertrek weinig kennis van hadden.

Paradijs

"IN HAÏTI WORDT Suriname voorgesteld als een paradijs. Er worden spotjes gemaakt op televisie, mensen lopen door de districten om propaganda te maken. Ze denken dat dit het land van melk en honing is, maar al vanaf Zanderij zien ze dat de werkelijkheid heel anders is", zegt de pastor. Hoeveel Haïtianen er in ons land zijn, is niet precies bekend. In De Nationale Assemblee werd onlangs gesproken over een aantal van zeventienduizend, maar de kans is groot dat een deel daarvan inmiddels al is doorgereisd naar andere landen. "De groep Haïtianen in Suriname bestond tot april uit ongeveer vijf- à zesduizend man", zegt Simon. "Naar wat ik heb gehoord, zijn het er nu tienduizend."

Kerkganger Mariline is net als Brazier ook één van de nieuwkomers. Na amper twee maanden in ons land, heeft ook zij moeite met het vinden van een baan. "Het is hier wel mooi hoor, vooral een stuk veiliger dan in Haïti, maar ik kan geen werk vinden. Een vriendin van me verkoopt groenten bij de markt en heeft me overgehaald ook hier naartoe te komen. Maar de tijden zijn zwaar, we hosselen een beetje. Soms verkopen we wel en andere dagen niet." Mariline mag nog een maand legaal in het land verblijven, maar teruggaan naar Haïti voor die tijd is voor haar geen optie. Net als vele anderen heeft ze de droom om door te reizen en uiteindelijk Europa of Amerika te bereiken. "Mijn dochter is bij vrienden achtergebleven. Ik wil een betere toekomst voor ons beiden, daarom ben ik hier. Ik hoop dat ik eerst gelegaliseerd kan worden in Suriname, zodat ik daarna kan doorreizen en de wereld kan zien."

Sprankje hoop

Suriname als hun nieuwe thuis

IN MAART WERD de toeristenkaart voor onder andere Haïti ingevoerd. Gelukszoekers als Brazier en Mariline vonden hierin het sprankje hoop op een beter leven. Sommige migranten zijn inmiddels teruggekeerd naar hun land, anderen zijn van plan weg te blijven. Suriname als hun nieuwe thuis, of als brug om verder te kunnen reizen naar Frans-Guyana, waar de Franse taal en de sociale voorzieningen lonken, of naar Brazilië, om vervolgens via een backtrack route Californië te kunnen bereiken. Om deze toestroom van illegale immigranten te stoppen werd in september, naar verluidt door de nodige druk vanuit Frans-Guyana, door het Ministerie van Buitenlandse Zaken de toeristenkaart voor Haïti weer ingetrokken. Haïtianen zijn hiermee de enige burgers van een Caricom-lidstaat die een visum nodig hebben om naar Suriname te reizen.

Een goede maatregel, vindt pastoor Simon, vooral om de rust te bewaren en de nieuwkomers te behoeden voor desillusie. "Mijn vader was de eerste contractarbeider die hier eind jaren zeventig is komen werken op de suikerrietplantage in Mariënburg. Velen van de oudere groep zijn op die manier terecht gekomen in Suriname en inmiddels goed geïntegreerd. Je hoort weinig van ons en dat zie ik als iets positiefs. We komen hier om te werken. We willen geen problemen maken, die hebben we al genoeg van onszelf." De nieuwkomers baren hem zorgen. "Ze hebben het moeilijk. Niemand verlaat zijn land omdat hij dat wil. Iedereen is op zoek naar werk, naar een betere toekomst. Maar in Suriname gaat het economisch ook niet goed, bij de eigen mensen is al een hulpbehoefte."

Legaliseren

PASTOR SIMON HOOPT wel op legalisatie van de nieuwe groep migranten. "Het is een win-winsituatie voor zowel Haïti als Suriname. Wij werken hard, hebben niet veel eisen en hier is werk dat Surinamers niet willen doen." Er is vraag naar deze arbeiders. Eerder deze week vroeg ook bondsvoorzitter Michael Sallons van het bacovebedrijf Food and Agriculture Industries in Jarabaka om de legalisering van alle Haïtianen in ons land. Het bedrijf heeft veldwerkers nodig en heeft moeite om Surinaamse werknemers te vinden, terwijl er zo'n honderd Haïtianen hebben gesolliciteerd. Het zou een uitkomst zijn. "Ik denk dat er iedere vlucht naar Haïti wel een aantal terugkeren, maar we moeten geduld hebben", zegt de geestelijke.

Hoop bracht de Haïtiaanse Leonise wel verbetering. Via vrienden kon ze twee jaar geleden als huishoudster in Suriname gaan werken. "Ik heb de kans gepakt en heb geen spijt dat ik naar Suriname ben gekomen. Wel mis ik mijn familie", zegt ze met een voorzichtige glimlach. "Iedere maand stuur ik geld naar mijn gezin in Port-au-Prince, zodat mijn kinderen naar school kunnen. Ik hoop dat ze in de toekomst ook hier naartoe kunnen komen, want het is daar heel onveilig. Je kunt daar niet zo vrij over straat lopen als hier." Leonise komt iedere zondag naar de kerk, het steunt haar in het gemis van haar familie. De pijnlijke herinneringen maken haar emotioneel. "Het zuiden, waar ik vandaan kom, is zwaar getroffen door de orkaan. Ik heb meerdere familieleden verloren. Alle huizen zijn weggevaagd, de mensen leven op straat, landbouwgronden zijn vernietigd. Er is niets meer. Er worden wel pakketten naar Haïti gestuurd, maar die bereiken dat gebied niet. Zodra ik wat extra geld heb, wil ik ook geld naar mijn familie daar sturen."

Verhalen als die van Leonise inspireren de werkloze Brazier dat ook hij zal slagen. "Veel van mijn huisgenoten zijn al terug naar Haïti of doorgereisd naar Brazilië of Frans-Guyana. Het wordt daardoor steeds moeilijk om de huur bij elkaar te krijgen. Maar ik wil het nog even proberen, kijken of er toch iets voor me is in de landbouw. Als het niet lukt, ga ik terug. Ondanks alle problemen van Haïti voel ik me toch beter daar. Ik kan geld verdienen, me vrij bewegen en ik snap de taal en cultuur." Hij zucht. "Iedere dag bid ik voor betere dagen."

1804: Haïti is het eerste land in Latijns-Amerika dat onafhankelijk wordt, na een strijd van 13 jaar tegen de Franse kolonisator. Door gebrek aan bestuurservaring maakt het Caribisch eiland zware economische en politieke tijden door.

1977: De eerste groep van 48 Haïtianen vertrekt naar Suriname om te gaan werken in de landbouw. Uit het afstudeeronderzoek van Marie Carline Exantus aan de Anton de Kom Universiteit blijkt dat na de staatsgreep van 1980 de mensenrechten van Haïtiaanse werknemers werden geschonden. Werken onder dwang, mishandelingen en berovingen kwamen regelmatig voor.

2013: Het eerste Haïtiaanse consulaat wordt geopend na twee samenwerkingsovereenkomsten op het gebied van luchtvaart en Handel, Toerisme en Cultuur. Ook Haïti krijgt een Surinaams consulaat.

2016: Tussen maart en september kunnen Haïtianen op een toeristenkaart afreizen naar Suriname. Na de afschaffing van deze kaart wordt het Surinaamse consulaat in Port-au- Prince voor onbepaalde tijd gesloten.

Dit arikel is verschenen in onze bijlage van 26 november 2016

Share on Facebook    

Reageren op dit bericht? Bezoek onze Facebook-pagina